Wij discrimineren niet in Nederland

18-10-2016

Wij discrimineren niet in Nederland. Wij Nederlanders zijn ruimdenkend. Allochtonen worden geaccepteerd en de Nederlanders met een kleurtje worden ook gewoon leuk gevonden. En die paar mensen die dan wel uitgescholden worden, worden keurig aangepakt. Daarna keert de rust weer terug en is iedereen in Nederland weer blij.

Nee. Dat gebeurt niet. Wij Nederlanders zijn niet allemaal zo leuk en aardig als er wordt beweerd. Wij accepteren blijkbaar niet iedereen. Vooral niet de mensen met een ander kleurtje die (bijna) geen woord Nederlands kunnen. Want blijkbaar hebben wij Nederlanders het idee dat wij boven ze staan. En omdat wij dat blijkbaar zijn gaan denken, zijn wij hele rare dingen gaan doen.

Ik reis nu al anderhalf jaar regelmatig met lijn 73 van Ter Apel naar Emmen. En in die bus was het altijd zo dat voornamelijk de studenten en enkele oudere mensen zich lieten vervoeren. Natuurlijk zat er wel zo nu en dan een vluchteling in, maar dat waren wij wel gewend. Niemand zei er wat van. En de asielzoekers zeiden ook niets.

Tot de enorme stroom vluchtelingen kwam. Bussen vol werden afgevoerd naar Ter Apel. In iedere bus waar je in zat, zaten er wel drie gezinnen die uit het buitenland kwamen. Vaak spraken ze niet eens de taal. De lege bussen veranderden in overvolle bussen. En niet alleen dat veranderde, maar ook de manier waarop met vluchtelingen werd omgegaan. Waar men eerst netjes in het Engels probeerde duidelijk te maken waar diegene er uit moest, begon men later niet eens meer in het Engels, maar alleen maar in het Nederlands.

Omdat ik om het weekend vaak met de bus naar mijn ouderlijk huis ga, heb ik lang niet alles meegemaakt. Maar wat ik tot nu toe heb meegemaakt, is meer dan genoeg. Wat ik heb meegemaakt, ik echt schandalig.

Het was zondag, ergens vlak na half vijf ’s avonds. In de bus terug naar huis moest ik tijdens het instappen langs twee mensen van de toezicht. Deze mensen lopen er blijkbaar sinds kort rond, omdat dat nodig zou moeten zijn. Ieder blank persoon kan gewoon instappen. Ieder getint persoon wordt nauwkeurig in de gaten gehouden.

Toen ik eenmaal op mijn plek zat, zag ik dat een asielzoeker netjes wou inchecken met zijn kaartje. Dit kaartje haalde hij uit de stapel kaartjes van zijn reisgenoot. Hieraan merkte ik, dat ze een lange reis achter hun rug hadden. Dit mislukte echter, gevolgd door het bekende en irritante gepiep van de ov-chipkaart automaat in de bus. De toezichthouders blokkeerden meteen de doorgang en duwden hem half de bus uit. “OUT!”. Ik stond met open mond toe te kijken. De asielzoeker gebaarde dat hij een minuut nodig had om naar zijn vriend te gaan, die inmiddels al een plekje had gezocht achterin de bus. De asielzoeker glipte langs de mannen en liep snel door naar zijn vriend, die hem het juiste kaartje aangaf. Vervolgens haastte de man zich weer terug naar voren, liep langs de toezichthouders, en checkte netjes in. De automaat gaf aan dat hij was ingecheckt. Maar dat bleek niet goed te zijn voor de buschauffeur en de toezichthouders, want ze duwden hem er alsnog uit.

Ik riep naar de toezichthouders dat hij gewoon het juiste kaartje had en dat hij netjes had ingecheckt. Dat zij dat toch gezien hadden, gezien zij er met hun neus bovenop staan. Naar mij werd geschreeuwd dat ik niet zomaar dat soort dingen moest beweren en dat ‘die asielzoekers’ wel vaker ongein uithalen met de kaartjes. Dat de toezichthouders er niets voor niets waren. Dat die asielzoeker zojuist een buskaartje had zitten omwisselen met die vriend.

Nee meneer. Hij pakte het juiste buskaartje van de stapel kaartjes. Een man kan zich ook vergissen. En nee meneer, hij kan niet eens met hetzelfde kaartje hebben ingecheckt, want dan ben je uitgecheckt. Het is niet eens mogelijk om met zijn tweeën op een kaartje te reizen, zonder dat het systeem dat niet aangeeft. Dat moet u toch weten, dat is algemeen bekend. Ik weet het en u weet het ook. Maar ik merk al dat u zich dat niet laat vertellen, omdat u toch een ‘hogere rang’ hebt.

Het is dinsdag 18 oktober. Ik zit weer in bus 73 naar huis toe. De bus zit vol met asielzoekers en jongeren. Twee mannen stappen voor mij in en willen een vijf euro kaartje kopen. Netjes legt de eerste man het kleingeld neer voor de buschauffeur. Twijfelend zegt hij “cinq”, waaruit de buschauffeur op maakt dat het om een vijf euro kaartje gaat. De asielzoeker denkt diep na, terwijl de buschauffeur het geld natelt. Het schiet de man ineens binnen dat het ‘vijf’ is in het Nederlands en hij zegt dat er nog eens trots bij. De buschauffeur kijkt geërgerd naar de man en snauwt hem af: “Ja, maar ik ga het alsnog natellen. Ik ben zo vaak belazerd door jullie. En ik moet het geld telkens maar zelf aanvullen”.

Een klein jongentje van een jaar of vier zit samen met zijn moeder en nog een vrouw in de vierzitter. Blijkbaar drukt hij telkens op de stopknop, waardoor de bus stopt terwijl er niemand uit moet. Na de derde keer gaat de buschauffeur keihard op de rem en springt hij op uit zijn stoel. Vervolgens loopt hij naar de asielzoekers toe en begint hij tegen ze te schreeuwen, in het Nederlands, dat zij onmiddellijk moeten ophouden en dat hij hier niet van gediend is. Dit zei hij echter niet op een fatsoenlijke manier, maar op een manier waarop niemand wil aangesproken worden. De asielzoekers begrijpen echter vrij weinig van dat de buschauffeur nou schreeuwt, maar de moeder klemt het kind dicht tegen zich aan. De buschauffeur rijdt verder en moet na twee minuten weer stoppen voor niets. Hij springt deze keer weer uit zijn stoel en staat tierend voorin de bus te schreeuwen. Ook vermeldde hij er bij dat hij dienst heeft tot half 12 en dat hij net zo lang zal blijven wachten tot diegene het gaat toegeven. De minuten gaan voorbij en na vier minuten besluit de buschauffeur onder een hoop gemompel om alsnog door te rijden.

De buschauffeur krijgt echter een ander idee. Er werd alweer op stop gedrukt, omdat wij deze keer de stop vlakbij het asielzoekerscentrum naderen. Een man staat op om duidelijk te maken dat hij degene is die heeft gedrukt en dat hij er uit wil. Maar de buschauffeur rijdt door. Na twee bushaltes hoor ik achter mij de verontwaardiging van de jongeren. De man die er uit wil, zegt tegen de buschauffeur nadrukkelijk dat hij er uit moet. Maar de buschauffeur luistert niet. Bij de derde trek ik het ook niet meer langer. Ik roep naar voren dat er mensen uit moeten, maar de buschauffeur luistert niet. Vervolgens roep ik dat hij best had kunnen stoppen, gezien het zijn plicht is, en dat ik het schandalig vind wat hij nu doet. Maar hij luistert maar niet en blijft maar doorrijden. Een groep meiden roept dat zij er bij de volgende halte uit moeten. Terwijl zij uitstappen, begin ik te roepen dat hij dit niet zomaar kan doen als buschauffeur en dat dit ronduit schandalig en kinderachtig is. Ik hoor geklap achter mij. De buschauffeur gaat weer rijden en ik ga door met het roepen van dingen naar de buschauffeur. Op een gegeven moment remt hij hard en springt hij uit zijn stoel om vervolgens naar mij toe te lopen. Hij gaat vlak voor mijn neus staan en begint mij te vertellen dat hij zich niet als een hond laat behandelen. Ik vertel hem dat niemand hem als een hond behandeld, maar dat hij aan het geklap van de overige mensen in de bus kan weten dat niemand gediend is van zijn manier van handelen. Woest keert hij zich weer om naar voren en scheurt vervolgens weer verder met de bus.

Buiten is het ondertussen ontzettend hard gaan regenen en waaien. Het begint donker te worden en de straten zijn zo langzamerhand blank gaan staan. Twee minuten na de laatste keer dat de bus is gestopt, zodat de buschauffeur mij kan vertellen wat hij er van vind, gaat de bus uit het niets weer op de rem. Deze keer staan wij midden op de weg. Omdat ik niet oplet, schrik ik omdat ik ineens de buschauffeur weer voor mijn neus zie staan. Hij staat deze keer veel te dicht bij en ik kan zijn adem ruiken. Hij sputtert in mijn gezicht dat ik de volgende keer niet zijn bus weer in kom, waarop ik antwoord dat ik niet eens bij iemand zoals hem in de bus wil zitten. De buschauffeur loopt nog een laatste keer weer terug naar zijn stoel en rijdt weer verder.

Ik gebruik google translate om de twee mannen naast mij te vertellen wat er net is gebeurd in de bus. Ook adviseer ik hen om tegelijk met mij uit de bus te stappen en dat ik ze ga uitleggen hoe ze verder naar het azc komen. Ik kan het niet aanzien dat zij nog langer in die bus zouden zitten. Aangekomen bij het busstation in Ter Apel, schrikt iedereen op van een knal. De buschauffeur was met zijn velgen de stoep op gereden. De deuren gaan open en ik gebaar dat de mannen met mij mee moeten komen. Eenmaal uit de bus worden wij zeiknat geregend. De bus rijdt verder met de overige asielzoekers, inclusief de vrouw en het inmiddels huilende kind.

Mijn moeder, broertje en zijn vriend en ik brengen de asielzoekers naar het asielzoekerscentrum. Zij bedanken ons en lopen vanaf de auto naar het centrum toe.

Nee, wij discrimineren niet in Nederland.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s